Jan ging op de rand van zijn bed zitten. Hij keek naar het poster aan de muur, hij keek uit
het raam, hij keek naar zijn schoenen en dan weer naar de poster aan de muur. Hij keek overal,
behalve naar zijn pa. Pa zag welke moeite Jan had met wat er gebeurd was en ging daarom naast
hem zitten. Hij legde zijn arm over de schouder van Jan en vroeg rustig: "Jan, heb jij soms
met de verf gespeeld waarvan ik zei dat je er niet aan mocht komen?"
|